De libero
FIVB · 2025–2028De beperkingen van de verdedigingsspecialist, vervangingen en het aanwijzen van een nieuwe libero.
Regel 19 — Rol en speelbeperkingen
Een team mag maximaal 2 libero’s opgeven, maar er mag er maar één op het veld staan. FIVB-, wereld- en officiële seniorenwedstrijden vereisen er 2 bij meer dan 12 opgegeven spelers. Hun genummerde tenue moet duidelijk afwijken van de rest van het team. De libero vervangt een achterspeler en mag niet serveren, blokkeren of een blok proberen. De libero mag nergens een aanval voltooien als de bal bij contact geheel boven het net is. Geeft de libero in de voorzone of de verlenging daarvan een bovenhandse vingerpass, dan mag een teamgenoot op die bal geen aanval voltooien waarbij de bal geheel boven het net is. Dezelfde pass van buiten die zone heeft die beperking niet.
Regel 19 — Vervangingen en een nieuwe libero
Liberovervangingen zijn onbeperkt en tellen niet als wissels. Normaal moet er een voltooide rally tussen zitten; uitzonderingen gelden bij gedwongen rotatie na een bestraffing of wanneer de actieve libero niet verder kan. In- en uitgaan gebeurt via de liberovervangingszone bij een dode bal en vóór het servicefluitsignaal; aan het begin van een set moet eerst de opstelling worden gecontroleerd. Alleen de gewone vervangingsspeler of de andere libero mag de actieve libero vervangen. Een eerste late vervanging vóór de serviceslag geeft na de rally een herinnering; herhaling leidt direct tot een vertragingssanctie. Een ongeldige vervanging wordt behandeld als een onreglementaire wissel. Als nog maar één libero beschikbaar is en die niet verder kan of niet inzetbaar wordt verklaard, mag een geschikte speler buiten het veld, behalve de gewone vervangingsspeler, opnieuw als libero worden aangewezen. De vervangen libero mag die wedstrijd niet terugkeren. Is nog een andere libero beschikbaar, dan moet die eerst worden ingezet; indien nodig kan later opnieuw een libero worden aangewezen.
Bronnen & werkwijze ↗
