Sprongballen en levende-bal-situaties
NBA · 2025–26Hoe het spel begint, vastgehouden ballen worden opgelost en de NBA live, alive en dead onderscheidt.
Regel 6 — Beginnen en hervatten
De wedstrijd en elke verlenging beginnen met een sprongbal in de middencirkel. Het team met het eerste balbezit krijgt de openingsinworp van de vierde periode; het andere team opent perioden 2 en 3. De NBA gebruikt bij vastgehouden ballen geen pijl voor wisselend balbezit.
Een vastgehouden bal leidt normaal tot een sprongbal tussen de betrokken spelers in de dichtstbijzijnde cirkel. Andere situaties, zoals een tussen ring en bord geklemde bal, dubbele vrijeworpovertredingen of bepaalde onderbrekingen bij een losse bal, geven een sprongbal in het midden. Kunnen officials duidelijk vaststellen welk team bij de onderbreking op het punt stond een losse bal te bemachtigen, dan kan dat team in plaats daarvan bezit krijgen.
Regel 6 — Sprongbalbeperkingen en balstatus
Springers wachten tot de opgooi het hoogste punt bereikt, mogen maximaal tweemaal tikken en mogen de bal niet vangen voordat hij een andere speler, vloer, basket of bord raakt. Andere spelers blijven tot de tik buiten de cirkel.
De bal wordt live wanneer hij beschikbaar komt voor de inwerper of vrijeworpschutter, of wordt opgegooid voor een sprongbal. De NBA noemt hem afzonderlijk alive na een reglementaire sprongbaltik, het loslaten bij een inworp of het loslaten van een vrije worp die in het spel blijft. Deze verschillen bepalen welke foutbepalingen gelden.
Fluitsignalen en afgelopen perioden maken de bal doorgaans dood, met uitzonderingen voor geldige schoten die al onderweg zijn. Na een geslaagde basket volgt een korte dode-balperiode voordat de tegenstander buiten het veld bezit heeft.
Bronnen & werkwijze ↗
