Snowboarden
Snowboarden omvat tijdwedstrijden door poorten, snowboardcross en beoordeelde park- en pipeonderdelen. Bij slalom en reuzenslalom telt een snelle, correcte afdaling; parallelwedstrijden voegen rechtstreekse duels toe. Snowboardcross combineert terreinobstakels met groepsraces. Halfpipe, slopestyle, big air en street style worden beoordeeld door juryleden.
Spelregels
Snowboarddisciplines en reglementen
Snowboarden omvat tijdwedstrijden door poorten, snowboardcross en beoordeelde park- en pipeonderdelen. Bij slalom en reuzenslalom telt een snelle, correcte afdaling; parallelwedstrijden voegen rechtstreekse duels toe. Snowboardcross combineert terreinobstakels met groepsraces. Halfpipe, slopestyle, big air en street style worden beoordeeld door juryleden.
Deelname, helm en parcoursverkenning
Deelname hangt af van het wedstrijdniveau, de toepasselijke leeftijdsgrenzen en de FIS-toelatingseisen. Een goedgekeurde helm is verplicht. Deelnemers moeten de regels kennen en de instructies van de jury bij de verkenning volgen; verkennen betekent niet dat je op wedstrijdsnelheid over een afgesloten parcours mag rijden.
Slalom, reuzenslalom en poortpassage
Bij alpine snowboardwedstrijden moet het hele board de poortlijn buiten de draaipaal passeren, met minstens de voorste voet vast in de binding. Een omgevallen of ontbrekende paal heft deze verplichting niet op: de oorspronkelijke gemarkeerde poortlijn blijft gelden.
Parallelwedstrijden en tijdstraffen
Parallel snowboarden gebruikt naast elkaar gelegen rode en blauwe parcoursen. De kwalificatie bepaalt de duels in de knock-outfase. Het aangekondigde finaleformat kan bestaan uit één afdaling per duel of uit gekoppelde afdalingen met een baanwissel; niet elke wedstrijd gebruikt dezelfde vorm.
Banked slalom
Bij banked slalom volg je een parcours met kombochten. Een klassiek parcours kan een natuurlijke geul gebruiken; een machinaal gebouwd parcours krijgt aangelegde kombochten en andere terreinonderdelen. Veiligheid en het niveau van de deelnemers bepalen het ontwerp. De alpine snowboardregels gelden voor de poortpassage.
Snowboardcross: start en doorgaan
Snowboardcross voert deelnemers over bochten, sprongen en rollers. De kwalificatie kan uit tijdritten of heats bestaan, afhankelijk van het gekozen format. Heatresultaten en het aangekondigde schema bepalen wie doorgaat; alleen een snelle kwalificatietijd is niet genoeg om de finale te winnen.
Contact en sancties bij snowboardcross
Bij snowboardcross kan contact ontstaan zonder dat elke botsing een overtreding is. De jury beoordeelt of hinder opzettelijk, onvrijwillig of toevallig was, welke actie plaatsvond en wat de gevolgen waren. Trekken, duwen, blokkeren, lijnwijzigingen en contact van achteren kunnen allemaal meewegen.
Uitslagen, protesten en nieuwe runs
Een protest vereist een toegestane grond, onderbouwing en de juiste procedure en waarborgsom. Termijnen verschillen: bij parallel- en snowboardcrossheats moeten relevante protesten vóór de volgende heat worden ingediend. Uitslagen kunnen via de toepasselijke procedure worden gecorrigeerd; een informele klacht is geen geldig protest.
Halfpipe
Bij snowboard-halfpipe verbinden rijders tricks langs de wanden van een geul in de sneeuw. De baan moet passende overgangen, een veilige start en voldoende uitloop hebben. Het gaat om een beoordeelde uitvoering, niet om de snelste tijd. Tijdens de geplande inspectie kunnen rijders zorgen over de baan melden.
Slopestyle
Snowboard-slopestyle combineert verschillende elementen op een afdaling, zoals sprongen, rails en boxen. De baan moet draaien in verschillende richtingen mogelijk maken zonder een bepaalde stance te bevoordelen. De eisen hangen af van het wedstrijdniveau; een lokale wedstrijd hoeft daarom niet dezelfde baan te hebben als een groot kampioenschap.
Big Air
Bij snowboard-Big Air voert een rijder een trick uit vanaf een grote schans en landt op het voorbereide landingsvlak. Juryleden beoordelen onder meer uitvoering en hoogte. Goed landen telt mee: de meeste rotaties leveren niet automatisch de winnende sprong op. Het gekozen format bepaalt welke pogingen meetellen.
Street Style
Snowboard-Street Style gebruikt rails, boxen, wallrides en vergelijkbare elementen. Rijders kunnen verschillende lijnen kiezen. De baan moet verschillende typen elementen combineren, glijden en draaien in meerdere richtingen toelaten en veilige overgangen bieden. De inrichting mag een bepaalde stance niet bevoordelen.
Jury en scores
Bij snowboard-Halfpipe, Slopestyle en Big Air tellen uitvoering, moeilijkheid, hoogte, variatie en vernieuwing mee. Elk scorend jurylid geeft een geheel getal van 0 tot 100. Bij totaalindruk wordt de hele run beoordeeld; fouten en vallen kunnen de score verlagen. Een tricknaam heeft geen vaste puntenprijs.
Formats, gelijke scores en herkansingen
Park & Pipe kan kwalificaties, halve finales en finales omvatten. De jury maakt vooraf het format en de tellende runs bekend; heats binnen dezelfde fase gebruiken hetzelfde format. Gelijk geëindigde rijders delen normaal een plaats. Bij een gedeelde laatste kwalificatieplaats gaan de betrokken rijders door, met aanpassingen volgens het gekozen format.
Snowboard en bindingen
Een snowboard met een glijvlak tot en met 135 cm lang moet minstens 14 cm breed zijn; boven 135 cm is de minimale breedte 16 cm. De bindingen staan diagonaal op de lengteas en de schoenen mogen elkaar niet overlappen. Dit zijn wedstrijdspecificaties, geen aankoopadvies voor de juiste boardmaat.
Wedstrijdkleding
Snowboardcross en alpinesnowboarden vereisen een losse broek en bovenstuk die onafhankelijk worden gedragen. Ze mogen niet met elkaar worden verbonden, ook niet tijdelijk. Een eendelig snelheidspak is verboden, zelfs onder een los bovenstuk. De jas moet bij het staan over de broek vallen.
Helmen
Een valhelm is verplicht bij elk snowboardonderdeel. De helm moet voor de discipline zijn ontworpen, een CE-markering hebben en voldoen aan erkende passende normen. Draag hem volgens de fabrikant; geschiktheid voor recreatief gebruik bewijst niet automatisch dat een helm voor elke wedstrijddiscipline is toegestaan.
Rugbescherming en verboden hulpmiddelen
Een rugbeschermer is bij snowboardcross verplicht volgens de aangeleverde materiaalspecificatie. Rugondersteuning mag geen aerodynamisch voordeel opleveren. Beschermingsmateriaal moet dus beschermen en mag geen middel worden om snelheid te winnen. Het snowboardhoofdstuk legt dezelfde algemene verplichting voor een rugbeschermer niet aan alle andere disciplines op.
Materiaalcontrole en wax
De deelnemer is verantwoordelijk voor veilig, werkend materiaal dat aan de FIS-regels voldoet, inclusief kleding en bindingen. Officials kunnen voor of tijdens het seizoen en na een protest controles uitvoeren. Wanneer aangewezen FIS-experts officiële meetmiddelen gebruiken, geldt de actuele meting ongeacht eerdere controles.
Transponders en camera’s
Bij grote snowboardwedstrijden kunnen verstrekte transponders prestatiegegevens verzamelen voor publieksinformatie en televisiebeelden. Alle deelnemers moeten ze dragen volgens de aanwijzingen van de jury en het aanwezige datateam. Ze zijn onderdeel van de wedstrijdpresentatie en geen aanvullende manier om wedstrijdpunten toe te kennen.
Bronverwijzingen: ICR = sportieve wedstrijdregels; Equipment = technische materiaaleisen. De nummers verwijzen naar pagina’s in de pdf-lezer. Onderwerpnummers zijn redactioneel. Snowboarden omvat tijdwedstrijden door poorten, snowboardcross en beoordeelde park- en pipeonderdelen. Bij slalom en reuzenslalom telt een snelle, correcte afdaling; parallelwedstrijden voegen rechtstreekse duels toe. Snowboardcross combineert terreinobstakels met groepsraces. Halfpipe, slopestyle, big air en street style worden beoordeeld door juryleden.
